wpd834c091.png
wp4f5ef178.png

© by  Nifka 2000











wp681613cd.png
wp168fd6f0_0f.jpg
wp3b7965e9_0f.jpg
wp5f52029e.png
wpb3cdfaba.png
wp3b710120.png
wp4837603e.png

De afkorting C.S.W.S. (vroeger : E.S.E.S.) staat voor Continious Spike Wave during Slow-wave-sleep. Deze diagnose kan pas gesteld worden na een 24-uurs EEG en videoregistratie. Hoewel het kind ogenschijnlijk heerlijk ligt te slapen, is er op het EEG-beeld in 85-100 % van de tijd (van de NON-REM slaap) epileptische storing te zien. Vaak zijn er op het EEG ook overdag veelvuldige aanvalletjes te zien. Echter, deze aanvalletjes zijn ‘aan de buitenkant’ niet of maar heel subtiel waar te nemen (even staren, gedragsverandering, ...)

 

In feite is er dus elke nacht sprake van een status epilepticus omdat de hersenen voortdurend ‘kortsluiting’ maken. Daarnaast ‘missen’ kinderen steeds een stukje van wat er om hen heen gebeurt door de kleine aanvalletjes overdag. De eerste symptomen van C.S.W.S. zijn dan ook vaak de extreme vermoeidheid, slaapproblemen en problemen met de ontwikkeling.  Ook kunnen kinderen onvoorspelbaar en heftig gedrag gaan vertonen.

 

C.S.W.S. wordt niet voor niets een kwaadaardige (maligne) vorm van epilepsie genoemd. Zeker wanneer de epilepsie niet onder controle kan

worden gebracht, heeft het grote gevolgen voor de

rijping van de hersenen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Normaliter ‘rijpen’  hersenen zich doordat de hersencellen van een kind onderling verbindingen gaan vormen d.m.v. lange uitlopers (dendrieten). Wanneer deze cellen zich onderling verbonden hebben, wordt er een laagje om deze dendrieten gevormd (myelinisatie). Zo worden er in het brein steeds nieuwe verbindingen aangelegd tussen hersencellen en hersengebieden naarmate het kind ouder wordt en zich steeds verder ontwikkelt.

wpd2dacb26_0f.jpg

Bij C.S.W.S. wordt dit proces door de nachtelijke epilepsie ernstig bedreigt. De verbindingen kunnen niet goed worden aangelegd en versterkt.  Hierdoor rijpen de hersenen onvoldoende, worden zijn de en ontstaat de beruchte ‘knik in de ontwikkeling’. Het integreren van de verschillende brokjes informatie wordt verstoord.

 

Door de verbindingen leert een kind steeds beter om de verschillende zintuigen en andere geleerde informatie met elkaar in verband te brengen (associëren). Zo leert een kind dat hij kan zitten, dat hij op een stoel kan zitten, dat het een stoel heet, .... Uiteindelijk combineert hij alle informatie en kiest voor de lekkere zachte gestofferde stoel i.p.v. De harde houten die ernaast staat.  Slaap is in dit proces erg belangrijk. De volledige hersenrijping is voltooid rond het 20e levensjaar. Natuurlijk is het proces ingewikkelder

 

 

wp3ce18e2c.png